Eerste Nederlandse Buitenschool

Eerste Nederlandse Buitenschool

De Eerste Nederlandse Buitenschool werd in 1933 gebouwd als herstellingsoord voor kinderen met tuberculose – een sober, maar licht en gezond gebouw me t veel openslaande ramen. Ruim 80 jaar later is het gebouw nog steeds een thuis voor kinderen die bijzondere aandacht nodig hebben: een school voor speciaal onderwijs voor kinderen met een gedragsstoornis in het autistisch spectrum.

Nieuwe Architecten restaureerde het bestaande, monumentale gebouw en voegde er een hedendaagse uitbreiding en speelplein aan toe.

Na jaren ervaring opgedaan te hebben bij grote bureaus zijn wij 3 jaar geleden voor onszelf begonnen. Dit project heeft voor ons een bijzondere betekenis omdat dit voor ons een springplank was om deze stap te kunnen maken. Naast ons toenmalige werk zijn wij begonnen met onderhoudsadvies voor deze school. Dit groeide uit naar verdere studies in scenario’s voor de toekomstmogelijkheden van het gebouw en de plek. Met het scenario dat uiteindelijk ook is uitgevoerd hebben wij de aanbesteding gewonnen en was dit ons eerste grote project als nieuwe architecten.

Restauratie monument
Om het huidige gebouw geschikt te maken voor dit type onderwijs en te laten voldoen aan de eisen van de huidige tijd, is het bestaande monumentale deel gerestaureerd en is op de plaats van de niet monumentale uitbreiding uit 1955 vervangende nieuwbouw gerealiseerd in de vorm van een nieuwe gymzaal en drie nieuwe lokalen met nevenruimte. Uitvoerig onderzoek naar verschillen de mogelijke scenario’s leidde tot deze aanpak, waarin sloop, renovatie en nieuwbouw in goede balans zijn, en samen een zo beperkt mogelijke impact hebben op het bestaande gebied.

Tijdens het ontwerpproces zijn alle beslissingen genomen met het belang van de kinderen voorop. Wat hebben deze kinderen en hun begeleiders nodig, en hoe kunnen wij dit binnen de kaders van budget en regelgeving realiseren? Een ander belangrijk uitgangspunt was de vraag hoe we kunnen vernieuwen en uitbreiden in wat tegelijk een beschermd stadsgezicht én een dicht bebost duingebied is, waarbij we rekening willen houden met alle bijzondere karakteristieken van dit bijzondere complex.

Voor het onderwijs zijn helderheid en een overzichtelijke indeling essentieel. Een rustige omgeving met zo min mogelijk prikkels die toch stimuleert en inspireert op de manier die bij deze kinderen past. Kleine maar praktische oplossingen die niet afleiden of de aandacht vragen maar op de achtergrond aanwezig zijn, en voldoende voorzieningen voor leerkrachten en onderwijsondersteunend personeel om hun werk optimaal te kunnen doen.

We ontwierpen een indeling die maximaal gebruik maakt van wat er al was, met een uitbreiding die hier rustig en vanzelfsprekend op aansluit.

Het monumentale hoofdgebouw is oorspronkelijk opgezet als een klassieke gangenschool. De buitenzijde is gerestaureerd, waarbij de karakteristieke stal en kozijnen zijn behouden, gereviseerd en voorzien van renovatieglas. Het interieur is gerenoveerd en geschikt gemaakt voor hedendaags onderwijs, waar bij het Frisse Scholen concept is toegepast. De originele structuur van het gebouw als gangenschool is hersteld, waardoor ook het vluchtplan op een eenvoudige en eenduidige manier is teruggebracht.

Bestaande gymzaal
In de bestaande structuur van het gebouw is er nauwelijks ruimte voor onder wijsondersteunend personeel – ruimte die wel onmisbaar is om dit type onder wijs te kunnen faciliteren. Daarom is aan de oude gymzaal in het hoofdgebouw, gunstig en centraal gelegen, een terugliggende entresol toegevoegd. Hier hebben alle onderwijsondersteunende ruimten een centrale plek gekregen. Op de begane grond achter de dubbelhoge gevel is een ruime docentenkamer ontstaan. Oude elementen van de gymzaal zijn behouden, zo is het wandklimrek aangepast tot kastenwand. Daglicht komt op de verdieping indirect binnen door de nieuwe docentenkamer, die uitzicht heeft op het groen, en direct door nieuwe lichtkoepels in het dak. Zo is de oude gymzaal het nieuwe hart van de school geworden.

Nieuwbouw
Met de nieuwbouw is zowel op grote als kleine schaal aansluiting gezocht bij het bestaande complex. Architectonisch is er grote zorg besteed aan de ‘korrelgrootte’ en situering van de nieuwe gebouwvolumes. Oude onderwijsgebouwen hebben relatief kleine gymzalen en grote lokalen, in de huidige onderwijsregels is dit precies andersom. Om toch tot een evenwichtig stedenbouwkundig geheel te komen is de nieuwbouw in twee gelijkwaardige volumes ondergebracht, waarbij de locatie (met zijn on-Nederlandse hoogte verschillen) ten volle is benut.

Het grootste volume van de gymzaal is half verdiept uitgevoerd. Zo ontstaan twee gelijkwaardige volumes die aansluiten op de opbouw van het bestaande hoofdgebouw, is de impact voor omwonenden geminimaliseerd en is het contact met buiten optimaal. In diepte verschillen de volumes van lokalen en gymzaal ook aanzienlijk. Door de lokalen meer naar voren te leggen, verhouden de volumes zich gelijkwaardig tot elkaar, terwijl aan de achterzijde een patio is ontstaan. Hierdoor treedt daglicht de gangzone binnen zonder zicht- of lichthinder voor de achter de tuinmuur gelegen woningen. De patio wordt gebruikt als beschermd speelplein voor de kleinste kinderen en biedt een rust gevend uitzicht vanuit de time-out ruimte, een plek waar kinderen tot rust kunnen komen als er in de klas te veel prikkels zijn. De patio zorgt ook voor licht en lucht in het complex, en maakt de aansluiting op de bestaande hoofdstructuur met de indrukwekkende lighal zichtbaar. Deze lighal, die grote monumentale waarde heeft, is daarmee duidelijk herkenbaar als drager van het totale plan.

Nieuwe gymzaal
De nieuwe gymzaal is lager aangelegd dan het omliggende terrein. Er is aan één zijde een transparante gevel ontworpen die uitkijkt op het groene binnenterrein en het toegangspad. Door de verdiepte ligging heeft de gymzaal een vrije wandruimte waar ballen tegen aan gekaatst kunnen worden, terwijl er direct zichtcontact is met het toegangspad langs de gevel. Door alle daglichtopeningen naar het binnenterrein te richten, is er ’s a vonds geen lichtoverlast naar omwonenden toe. Boven de betonwanden van de verdiepte bak is een licht gevelpakket van houten sandwich-elementen met een houten kanaalplaatligger, die gedragen wordt door een geïntegreerde staalconstructie.

Nieuwe lokalen
De lokalen zijn opgebouwd uit houten sandwich-elementen. De wand naar de gang toe is opgedikt om kasten, pantry’s, kapstokken en techniek een plaats te geven. Door de uitvoering van een houten kanaalplaat als constructief dak, met daarin perforaties en akoestische voorzieningen, ontstaat een hoogwaardige plafondafwerking waardoor een verlaagd plafond niet nodig was . De lokalen zijn daardoor extra hoog, wat bijdraagt aan een betere daglichttoetreding en binnenklimaat. De hoge klaslokalen en het terughoudende interieurontwerp zorgen voor rust en ruimte, de juiste materialen voor een goede akoestiek. Op het niveau dat letterlijk het dichtst bij de kinderen staat zorgen gepersonaliseerde kapstokhaakjes voor aandacht en overzicht.

Materialisering
De gevel van de nieuwbouw sluit in materialisering aan bij het bestaande hoofdgebouw. De nieuwe gevel heeft een subtiel honingraatpatroon en vogelnest elementen die in het metselwerk zijn opgenomen, dit is een verwijzing naar de oude gevelstenen met bijenkorven van het hoofdgebouw. Ondanks een standaard, kostenefficiënt metselwerkverband is er door dit nieuwe patroon en de toevoeging van een bewerkte steen een levendige, bijzondere gevel ontstaan, die subtiel verbonden is met de historie van deze school en deze plek . Ook in het interieur zorgt een accentlijn tussen lambrisering en beton(kaats-)wand bij gymzaal voor aansluiting met de aanwezige accentlijnen uit he t hoofdgebouw.

Buitenruimte
Binnen en buiten zijn voor deze school altijd onlosmakelijk met elkaar verbonden geweest. Buiten – de natuur, het weer, licht, lucht en zon – wordt binnen gelaten door de grote ramen die makkelijk te open en te sluiten zijn. Maar voor deze school is een goede, veilige en inspirerende buitenruimte bijna net zo belangrijk als het gebouw zelf – en kan haast gezien worden als een ‘gebouw zonder dak’.
De kinderen die hier naar school gaan moeten kunnen spelen en ontdekken, maar in een omgeving die duidelijk is, en niet teveel verwarrende stimulatie geeft. Wie kon over de inrichting van die ruimte beter adviseren dan de gebruikers, de kinderen zelf? We hebben daarom alle leerlingen gevraagd een te kening te maken van hun ideale schoolplein. Daar kwamen prachtige, meer en minder realistische voorbeelden uit (van zandbak, klimwand en kikkervijver tot vliegveld met landingsbaan), die voor ons de inspiratie vormden om een groen en veilig schoolplein te ontwerpen. Een schoolplein dat ruimte biedt voor allerlei soorten activiteiten en uitnodigt tot creatief gebruik, zonder dat er een overdaad aan prikkels of kleur is.
Het schoolplein ligt tussen oudbouw en nieuwbouw, en is zo vormgegeven dat er voor alle mogelijke activiteiten ruimte is: klimmen en klauteren, spelen en sporten, maar ook voor rustig zitten. De verschillende zones worden van elkaar gescheiden door in het plein aangebrachte ‘duinen’, een zachte, landschappelijke en vriendelijke manier van afscheiding die de plek nog extra verbindt met het natuurlijke landschap van de omgeving. Tussen de duinen zijn op drie plaatsen ellips-vormige plekken aangebracht die dienst doen als valondergrond voor speeltoestellen. De zee-blauwe kleur geeft het schoolplein een vrolijk karakter en is een verwijzing naar de zee die maar een klein stukje verderop ligt.

Met de vernieuwing van de Eerste Nederlandse Buitenschool heeft deze bijzondere plek een nieuwe toekomst gekregen in sterke samenhang met het bestaande en verbondenheid met buiten.

na-enb03 na-enb01